Markbass Micromark review
Klik op onderstaande link om het review van de Markbass Micromark helemaal te lezen:
> review Markbass Micromark
ONCE UPON A TIME…
What in the name of sweet Jesus is this? An amp, a pillbox or a beautycase?’ Het waren de eerste woorden die John Hastry met een authentiek Amerikaans volume brulde toen ik deze ochtend de ICP studio’s kwam binnengewandeld. John is bezieler en eigenaar van het Brusselse studio-complex en zoon van industrieel John Senior (uiteraard) Hastry, op zijn beurt dan weer bedenker van International Chemical Products – ICP dus. Ik heb de afgelopen drie weken in Studio C van Hastry gebivakkeerd, omdat ik samen met Frank Vanderlinden en Ron Reuman een nieuwe plaat aan het opnemen ben. En omdat er voor mij tijdens het mixing proces niet echt veel meer te doen is dan het bekijken van oervervelende seventies porno, het drinken van liters Red Bull en het lezen van De Morgen, De Gazet van Antwerpen, National Enquirer en de laatste editie van Guitarplayer, dacht ik dat het misschien constructief zou zijn om de laatste telg van bovengenoemd versterkingsmerk mee naar de studio te sleuren om er een bespreking over te maken. Het feit dat ik werd uitgelachen door de voltallige studiocrew (Vanderlinden incluis), maakte me nog vastberadener om te bewijzen dat de Micromark absoluut geen ‘Pillbox’, ‘Beautycase’, ‘Legoblokje’ of voetsteun is. Au contraire, mes amis!
OVER DE AENEAS VAN VIRGILIIS
Net zoals Gepetto de ‘vader’ was van het houten ettertje Pinokkio, is Marco De Virgiliis de creator van de Markbass versterkers. Zijn visie was simpel: een ampli die voldoet aan alle noden van de bassist, maar toch met één hand optilbaar is. En die visie wierp binnen een zeer korte tijd rijpe vruchten af. Markbass wordt anno 2006 wereldwijd beschouwd als ‘een naam’ als het over degelijk vervaardigde, goed klinkende basampli’s gaat. En nu is er dus de Micromark: 22,5 centimeter hoog, diep en breed, een volwassen 4 kilo zwaar (of ‘licht’, ’t is hoe je het bekijkt) en zo simpel te bedienen dat zelfs Bompa Peleman het binnen de twee seconden onder de knie zou kunnen krijgen (En de mens is al 30 jaar dood, dus …).
Over kleuren en smaken valt niet te twisten, maar eerlijkheidshalve moet ik er wel bij vertellen dat m’n allereerste indruk ook niet echt schitterend was. Dat is ook normaal, denk ik. Een kubusje van 22,5 centimeter groot is ook niet echt het meest stereotype beeld dat je van een goede versterker hebt. Zet het naast een Trace-stack, of een monsterachtige 8x10 Ampeg-cab en je ziet het haast niet staan. Bijgevolg moet het dingetje klankgewijs echt wel zeer overtuigend uit de hoek komen om te kunnen opvallen en concurreren tussen en met het hedendaags overaanbod van mini-, micro-, en compact-stuff. En geloof me op m’n woord, dat doet het wel degelijk. 
POTEN EN OREN
De Micromark is een mini-combootje met een 50 watt 6” speakertje, een versterkertje van eveneens 50 watt, een level (lees: volume) knop, een VPF knop, een aux-ingang en een phones-uitgang, een speakers on/off switch, een line-out uitgang (of hoe zeg je dat in het nederlands – een line-out-gang?), een tweeter uitgang en een groundlift. En … een knaller van een handvat. Allemaal heel basic en heel sober, maar je voelt en ziet aan de Micromark dat het hier om professioneel materiaal gaat.
Veel uitleg hoeven de boevenstaande features niet echt. Op de aux-ingang kan je je i-pod, mp3-, of cd-speler aansluiten, in de phones uitgang pleur je je hoofdtelefoon, met de speakers on/off switch kan je het 6” speakertje aan- of afzetten (op die manier kan je de hoofdtelefoon gebruiken met of zonder speaker) en de tweeter uitgang is er om een optioneel satelietje aan te hangen. Op die manier kan je de hoge tonen nog eens extra in de verf te zetten. Het enige wat iets meer uitleg vergt, is die VPF knop.
‘VPF’ staat voor Variable Preshape Filter. Het is een EQ die de lows boost rond de 15 Hz en de highs pept rond de 10 KHz. Tegelijkertijd cut het de mids rond de 380 Hz. De handleiding verklapt nog dat ‘at higher volume, turning the VPF up high, will result in more output limiting due to the increase in low frequenties’, wat zich in mijn oren vertaald als ‘als je je volume luid hebt staan, en je draait de VPF open, dan krijg je een zeer mooi afgelijnde, bijna gecompresseerde sound, die nergens een teken van oversturing geeft’. Deze filter is echt een zeer handig tooltje als je rock- of funkbassist bent.
DE TEST
De ICP studio’s hebben een soort van opslagplaats, waar een schat aan gitaren, bassen, keyboards en versterkers bij elkaar staat. Allemaal vintage stuff in perfecte staat en perfect onderhouden. Testmateriaal genoeg dus.
Eerst heb ik de Micromark onderworpen aan een J-Bass, een P-Bass, een Telecaster-bass, een Gibson Grabber, een Stingray, een Wall, een Höffner, een akoestische Warwick en m’n electrische contrabas. In alle gevallen klonk het ding als een versterker die minstens (minstens!!!) 5 keer zo groot was. Nergens kreeg ik oversturing, zelfs niet bij maximum volume. In één adem heb ik het dwergje tevens voorgesteld aan een Wurlitzer, Rhodes, Pianette, Clavinette, een volwaardige Hammond, een Strat, een Tele, een Flying V, een Danelectro bariton, een Coral Sitar, een Jaguar (Lake Placid Blue, prachtding!) en een Selmer lapsteel uit ’58. Niet één keer heb ik m’n wenkbrauwen moeten optrekken omdat ik iets verdachts hoorde. Niet één keer heb ik gedacht ‘Nu heb ik je, you little bastard!’. Geen enkele keer (op m’n communiezieltje)!!! Op zich een prestatie van wereldformaat. De belangstelling voor de Micromark was bijgevolg bijzonder groot onder het studiopersoneel. Eerlijkheidshalve moet ik er wel bij vertellen dat ik het niet live heb getest. Maar mits er een line-out te vinden is op het achterpaneel, veronderstel ik dat dat geen probleem zou mogen zijn.
> lees het hele eview Markbass Micromark
<
terug